Tag Archives: Dux Britanniarum

Een leerzaam potje Dux Britanniarum

Misschien had ik niet de beste voorbereiding voor mijn eerste Dux Britanniarumslag. Hoewel ik door het regelboek geneusd had, ik kende ze nog niet uit mijn hoofd. En de nacht ervoor lag ik er pas laat in en had ik misschien een biertje minder moeten drinken.

Maar ik was er tenminste. En terwijl ik mijn figuren uitpakte, ging Dick met mij door de procedure om de karakters te genereren voor mijn leiders (dat had ik thuis ook al gedaan, maar was mijn lijstje vergeten). Dat leidde tot het volgende stel: mijn heer, Olwin, was nogal gemiddeld, zonder bijzondere kenmerken. De jonge edelman Stig was een begenadigd ruiter (misschien handig tegen de tijd dat we met cavalerie gaan spelen), terwijl de ander, genaamd Klapmund, van Britse afkomst was. Gedrongen, maar atletisch.

Vervolgens kozen we het scenario uit en onze punten van opkomst. Ik moest een dorp plunderen aan de andere kant van de tafel terwijl Dick met zijn troepen halverwege op zou komen. Dit betekende dat zelfs als ik er in slaagde om vóór Dick het dorp te bereiken, ik me op de terugweg weer door hem heen zou moeten vechten. Ik besloot me daar later maar druk over te maken.

Mijn boogschutters dekken mijn voorbijtrekkende troepen tegen Dick’s leger in slagformatie

Vandaar dat Klapmund met twee groepen duguth (krijgers) er in slaagde voor Dick zijn troepen langs te rennen, terwijl de rest hen dekte en vervolgens terugviel op het dorp. De Romano-Britten waren inmiddels opgesteld in hun schildmuur en het leek me zinloos de strijd aan te gaan met hun sterkste opstelling terwijl ikzelf verspreid was.

Toen de milites (reguliere infanterie) van Dick gedwongen waren hun schildmuur weer op te breken om mij te kunnen achtervolgen liet ik Stig ze aanvallen met zijn groep gedridht, mijn meest trouwe en ervaren krijgers. Dit ging gelijk op tegen een overmacht, maar ik besloot er nog een groep achteraan te sturen om de balans in ons voordeel te laten doorslaan. De milites vielen terug met enige verliezen en in grote verwarring, terwijl ik maar één man had verloren. Helaas was ik ook Stig kwijtgeraakt, die zich met iets teveel jeugdig elan in de strijd had geworpen.

Stig leidt zijn gedridht tegen de milites

 

Terwijl mijn gedridht terugtrokken langs het dorp, waren de krijgers van Klapmund weinig succesvol in hun plundering. En toen de ervaren comanipulares bij het dorp aankwamen, kon ik niet alle hutten meer langs. Ik besloot daarom maar te proberen om de vijandelijke troepen heen weg te komen zolang ze verspreid waren. Daarbij gokte ik er op iets sneller te zijn.

Dit werkte niet. Hoewel ik een charge van de numeri (horigen) kon afslaan, leden mijn gedridht zware verliezen. Dat ze daarbij ook de meeste geliefde van de Romeinse leiders, Vortiporius the Victorious, in het stof konden laten bijten gaf het bittere maal nog een zoete smaak.

Intussen kon Dick zijn comanipulares en milites bij elkaar brengen in schildmuur. Onder zijn commando was de schildmuur een stuk flexibeler en sneller. Daardoor kon hij mijn troepen toch nog te pakken krijgen.


Mijn gedridth terwijl ze de numeri de oren wassen

Hoewel de vijand in dat laatste gevecht nog een flinke bloedneus opliep, wist hij mijn laatste effectieve strijdmacht uit elkaar te slaan en mijn mannen keerden verspreid terug. Zo verloor ik bijna de helft van mijn mannen in deze mislukte plundertocht. Het zal twee maanden duren voor ik de verliezen weer heb aangevuld.

De verliezen van Dick waren net zo zwaar als de mijne (een teken van de kunde en moed van mijn mannen), zodat deze overwinning hem niet veel opleverde, behalve wat buit. Tot zijn voordeel spreekt dat hij weinig horigen en comanipulares kwijt was geraakt, omdat deze in de campagne het meest waardevol zijn.

Een aantal lessen: verdedigen is heel lastig in deze regels, veel van de kanskaarten in het spel zijn aanvallend of alleen bruikbaar in de eigen beurt.

Ik had ook nog niet zo’n goed gevoel voor het effect van de kanskaarten toen ik dit spel begon. Vandaar dat ik niet zo scherp als Dick werkte aan het beheer van mijn handkaarten. Daar moet ik volgende keer beter op letten.

Maar het slagveld is de beste plaats om te leren vechten, dus ben ik dankbaar voor de lessen die ik mocht leren. En nou maar hopen dat dat leidt tot betere resultaten.